Deel 1

Het boek omvat drie delen, die overeenstemmen met de drie fasen in de ontwikkelingsgeschiedenis van de stadsvesten.

In het eerste deel wordt de stichting van de stad in 1067/70 behandeld. Als versterkte vestingplaats op de grens van het graafschap Vlaanderen is het optrekken van een walmuur een noodzaak. Dit geeft aan de nieuwe inwijkelingen een veiligheidsgevoel in vijandig gebied en tegelijk wordt een resem stadsrechten aangeboden.

De verdere ontwikkeling en uitbreiding van de stad verlopen in deze vroege periode stapsgewijs met de uitbouw van haar verdedigingsgordel. Een eerste benadering om een beter inzicht te krijgen in de evolutie van het verdedigingssysteem is de historische interpretatie, die zich volledig steunt op de schaarse geschreven archivalia (bijvoorbeeld oorkonden) uit die tijd, op kronieken en annalen van tijdgenoten en zelfs op historische studies van latere vorsers. Verder is er de cartografische interpretatie, die zich steunt op de militaire cartografie uit de 16de eeuw. Zij omvat een gewaagd maar openbarend relaas over de vroegste stadsontwikkeling op basis van de stadsplattegrond van Jacob van Deventer (circa 1560), een visie die veel verder gaat dan wat ooit vroegere historische vorsers over het onderwerp hebben gebracht.

Daarnaast is er een eerste archeologische verkenning die ons via muuronderzoek, opgravingen en boringen andere facetten aanbrengt bij onze kennis van de stadsomwalling. Het eerste deel eindigt met de totale verwoesting van de stad door Walter van Edingen in 1381. Hierna raakt het veilig gevoel van de Geraardsbergenaar volledig zoek en verliest de stad haar militair-strategische positie.